|
Film: American Hot Wax
Rocking & Stomping/Rock & Roll
Op internet zijn meer dan 413.000 vermeldingen
te vinden van deze film. Dan kan ik er dus óók nog
wel een paar regels aan wijden. De film (uit 1978) schijnt nogal
hoog aangeschreven te staan bij de diverse recensenten en muziekliefhebbers.
Of ook alle Rock & Roll-aanhangers enthousiast zijn, weet ik
niet zeker. Ikzelf ben het in elk geval niet, voor mij had de film
niet gemaakt hoeven te worden. American Hot Wax is eigenlijk
The Alan Freed Story, maar die naam wordt al gebruikt voor een andere
film over het leven van Alan Freed. Die man schijnt wel wat teweeg
gebracht hebben, maar wat? O ja, hij bedacht de naam Rock &
Roll, hij was disc-jockey en hij organiseerde Rock & Roll shows
in de fifties. De grootste tragedie in het leven van de man
was dat hij beschuldigd werd van “Payola”, een muzikaal klinkende
naam voor het aannemen van steekpenningen. Alan Freed nam geld aan
voor het draaien van bepaalde platen. Alan Freed had ook een grote
passie voor de Rock & Roll en Rhythm & Blues van zwarte
artiesten en hij draaide als enige blanke D.J. “zwarte” muziek voor
een blank publiek. En omdat dat twee dingen zijn waar in Amerika
in de vijftiger jaren de doodstraf op stond, kostte het Alan Freed
zijn kop. Figuurlijk en letterlijk, want na het omkoopschandaal
duurde het nog geen vijf jaar dat Freed gedesillusioneerd aan zijn
einde kwam. Als je 't verhaal zo leest, dan zitten er wel
aardige ingrediënten in voor een goed drama. Méér
is de film dan ook niet, een drama. En voor kijkers zoals ik, die
hopen op wat ongestoord muziekgenot, is het om een andere reden
een drama: de muziek dient uitsluitend ter figuratie. Over de
rol van Alan Freed, gespeeld door Tim McIntyre, las ik ergens dat
die “way over the top” was, zwaar overdreven dus. En dat kan ik
beamen. Ik heb nergens ook maar een spoortje gelijkenis met de echte
Freed kunnen ontdekken. Verder vind ik alles aan de film overdreven.
Het constant kibbelende duo Fran Drescher en Jay Leno, beiden piepjong,
als secretaresse en chauffeur van Alan Freed zijn helemaal een ramp.
Je vraagt je af waarom ze die in de film hebben gestopt. (Kennelijk
een vooruitziende blik van iemand.) In de film zit relatief
veel muziek, maar je hebt er weinig aan. Aan de mechanische muziek,
van gedraaide platen, is zó veel onnodige echo toegevoegd,
dat de originele opnamen - zoals Little Richard in het begin - nauwelijk
meer als zodanig te herkennen zijn. Om ook eens wat positiefs
te noemen: de gedraaide single was wel van het Specialty-label.
Het live-concert waar de hele film naar toewerkt, en met sterren
als Screamin' Jay Hawkins, Chuck Berry en Jerry Lee Lewis is een
aanfluiting. De artiesten worden op een overdreven, karikaturale
wijze in beeld gebracht en niet één nummer is compleet
te horen. Screamin' Jay Hawkins is bijvoorbeeld vijf seconden (of
zo) te zien. En dan zou ik ook nog bijna een stukje geschiedvervalsing
in de film vergeten. Men doet voorkomen dat de schunnige teksten
in het nummer Reelin' and Rockin' van Chuck Berry al in de vijftiger
jaren werden gebruikt. In werkelijkheid heeft Chuck die pas voor
het eerst in de zeventiger jaren gebruikt! Nee, ik geloof niet
dat mensen door deze film een realistisch beeld van The Rockin'
Fifties krijgen.
Rocking & Stomping/Rock & Roll
|